Tuin & Buiten

Je gazon mag er voortaan lekker slordig uitzien

· 5 min leestijd

Jarenlang was een strak gemaaid gazon de norm. Rechte banen, geen onkruid, elke zondag de grasmaaier eruit. Die gewoonte verandert. Tuinontwerpers en kwekers zien dit jaar een duidelijke verschuiving naar gazons die er losser en wilder uit mogen zien, met klavertjes, madeliefjes en plekken die bewust niet gemaaid worden. Niet uit luiheid, maar omdat het beter is voor de tuin en voor wat erin leeft.

Waarom een strak gazon niet meer de norm is

Een kort gemaaid gazon van uitsluitend Engels raaigras heeft weinig te bieden aan insecten. Geen bloemen, geen nectar, geen schuilplek. Onderzoekers van de University of New Hampshire ontdekten dat minder vaak maaien juist leidt tot meer biodiversiteit, meer organische stof in de bodem en meer bloemen waar bijen op kunnen foerageren.1 In Nederland wordt diezelfde gedachte al een paar jaar gepromoot via de actie Maai Mei Niet, waarbij een deel van het gazon in mei blijft staan zodat bloeiende planten de kans krijgen om open te gaan.

Daar komt de droogte van de afgelopen zomers bij. Een gazon dat volledig uit raaigras bestaat, verbrandt bij aanhoudende hitte en moet constant water krijgen om groen te blijven. Mengsels met klaver en kruiden blijven langer groen zonder sproeier, simpelweg omdat de wortels dieper gaan en de planten beter bestand zijn tegen uitdroging.

Wat een verwilderd gazon eigenlijk betekent

Verwilderd betekent niet dat je de hele tuin aan zijn lot overlaat. Het gaat om bewuste keuzes: een deel van het gazon langer laten staan, bloeiende kruiden toelaten tussen het gras, en misschien een hoekje volledig omzetten naar een kleine bloemenweide. De rest van de tuin, zoals terras, border en zitplek, blijft net zo verzorgd als altijd. Wil je die zitplek ook echt afmaken, kijk dan eens naar hoe je je tuin tot een echte buitenkamer maakt, inclusief een plek waar het gras juist wel kort blijft.

Veel tuinontwerpers werken met een duidelijke grens: een gemaaid pad door het lange gras, of een rand van tien centimeter langs het terras die wel kort blijft. Dat ene gebaar maakt meteen het verschil tussen een verwaarloosde tuin en een tuin die er bewust natuurlijk uitziet.

Grassoorten en bodembedekkers die het overnemen

Klavergazon is de bekendste vervanger. Het blijft compact, heeft nauwelijks maaibeurten nodig en bindt zelfs stikstof in de bodem, waardoor je minder moet bemesten. Microklaver, een fijnere variant, wordt steeds vaker door gazonkwekers meegemengd met gewoon graszaad zodat je niet meteen je hele tuin hoeft om te spitten.

Andere opties zijn straatgras-achtige kruidenmengsels met madeliefjes, veldlathyrus en wilde margriet, of helemaal grasvrije bodembedekkers zoals tijm en muntachtige soorten voor zonnige plekken die weinig belopen worden. Voor schaduwrijke hoeken werkt een mengsel met klein hoefblad of maagdenpalm beter dan gras, dat daar toch nooit goed aanslaat.

Wie liever met vaste looppaden werkt dan met gras, kan ook kijken naar de doorlopende materialen die nu populair zijn in Nederlandse tuinen, zoals terrazzo-achtige tegels of natuursteen dat aansluit op de vloer binnen.

Houd rekening met de ondergrond voordat je kiest. Klavergazon verdraagt veel voetverkeer en is daarom geschikt voor een tuin waar kinderen of een hond spelen. Een bloemenweide met wilde margriet en veldlathyrus is kwetsbaarder en verdraagt het best alleen een smal looppad erdoorheen. Begin daarom met een proefvak van een paar vierkante meter in plaats van meteen het hele gazon om te zaaien, zodat je kunt zien welk mengsel op jouw grondsoort en met jouw hoeveelheid zon echt aanslaat.

Zo voorkom je dat het een rommeltje wordt

Het grootste schrikbeeld bij buren is een tuin die eruitziet als braakliggend terrein. Dat voorkom je met een paar vaste regels. Maai de randen langs het pad en het terras wel wekelijks, ook als de rest van het gazon lang blijft staan. Werk met duidelijke vlakken in plaats van overal een beetje lang gras te laten staan: één hoek volledig wild, de rest kort. En maai minstens één keer per jaar, meestal in het najaar, het hele verwilderde stuk terug, zodat het niet dichtgroeit met alleen de sterkste grassen.

Een verlicht pad door het lange gras maakt het verschil tussen rommelig en ontworpen helemaal duidelijk. Daarvoor kun je dezelfde aanpak gebruiken als bij gelaagde tuinverlichting, met lage padverlichting die het looppad markeert zonder de rest van de tuin fel te verlichten.

Houd er rekening mee dat een wilder gazon in het begin onwennig aanvoelt. De eerste maanden zie je vooral gras dat uit de kluiten groeit voordat de kruiden en bloemen de kans krijgen om zich te vestigen. Geef het minimaal één groeiseizoen voordat je concludeert dat het niet werkt.

Dit betekent het voor je tuin dit jaar

Je hoeft niet meteen je hele gazon op te offeren. Begin met een strook langs de border, of de zijkant van de tuin die je toch nooit gebruikt, en kijk hoe het zich ontwikkelt. Combineer het met een scherp afgebakende zitplek of buitenkeuken, zodat het contrast tussen wild en verzorgd juist de aandacht trekt in plaats van verwarring te zaaien. Wie net een buitenkeuken overweegt, kan die twee stijlen in één klap combineren: een opgeruimd kookgedeelte met daarachter een stuk gazon dat voor het eerst in jaren niet elke week gemaaid wordt.

L
Geschreven door Lieke Koopmans Styling redacteur

Lieke werkte jaren als modestylist voordat ze haar scherpe oog richtte op interieurs, want een ruimte stylen bleek verrassend veel op een outfit samenstellen te lijken. Ze is het type dat een kamer kan transformeren door een lamp te verplaatsen of een kussen om te draaien, een talent dat haar vrienden tegelijkertijd bewonderen en irritant vinden. Ze schrijft over meubels en materialen met de kennis van iemand die weet dat de juiste textuur een ruimte kan maken of breken. Haar artikelen zijn visueel, praktisch en altijd met het advies om te durven afwijken van wat iedereen doet. Lieke gelooft dat een huis niet af hoeft te zijn om mooi te zijn — het gaat om de combinatie van stukken die samen een verhaal vertellen.